Normal Isn’t
Normal Isn’t geeft Puscifers vreemde ideeën een stevige muzikale basis. Maynard James Keenan, Carina Round en Mat Mitchell verbinden postpunk, elektronica en donker gitaarwerk. Het album is serieus zonder zijn droge humor te verliezen. De arrangementen laten ruimte voor de stemmen. De beste songs halen hun effect uit een vaste groove, niet uit volume alleen.
“Thrust” introduceert de spanning. Keenan klinkt gefrustreerd, terwijl de muziek haar kracht beheerst. Dat helpt: boosheid hoeft niet elk moment even luid te maken. Round geeft een andere zangtoon om hem heen. Mitchells gitaar en synthesizers voegen details toe zonder elk gat te vullen.
“Bad Wolf” toont die balans helder. De synths ondersteunen melodieuzere zang en maken de song toegankelijk zonder de donkere stemming op te heffen. “Self Evident” duwt harder, met een sterke groove en agressievere stem. De humor is hier scherper. “Mantastic” kijkt naar de tegenstrijdigheden van overdreven mannelijkheid. De grappen verwijderen het ongemak niet.
“The Quiet Parts” heeft een rustiger soort gewicht. De zang krijgt ruimte en de woorden vragen aandacht. “Pendulum” heeft een dwingender puls en een duidelijke gothicpostpunksfeer. Het grotendeels instrumentale “Seven One” verandert de focus met gesproken vertelling en een bijdrage van drummer Danny Carey. De plaat blijft daardoor niet in één patroon hangen.
Het afgemeten tempo past niet iedereen. Veel materiaal blijft gespannen en donker. De lange arrangementen vragen meer aandacht dan een snelle reeks singles. Er zijn wel genoeg melodieën en klankveranderingen om de ernst niet vlak te maken. Normal Isn’t past goed bij liefhebbers van sfeervolle alternatieve rock, elektronica, expressieve dubbele zang en teksten met wat venijn.
