Arcadia

Arcadia

Arcadia steunt vaker op stem en beat dan op een gitaarriff. Elektronische klanken dragen veel van het gewicht. Smash Into Pieces plaatst daar Chris Adams heldere, krachtige melodieën boven. De songs hebben de omvang van grote-zaalrock en de beweging van pop. Dat werkt het best wanneer een concreet ritmisch idee het arrangement vormt.

Het titelnummer is gemakkelijk dansbaar. De melodie blijft direct. De synthetische begeleiding klinkt helder en futuristisch zonder de aanstekelijkheid in de weg te zitten. Wake Up is nog een goede ingang, met een refrein dat bij het grote geluid past. Geen van beide heeft een ingewikkelde structuur nodig. De wisselwerking tussen stem en elektronische beweging houdt het interessant.

The Chosen One zet Chris Adam het duidelijkst voorop. Zijn zang suggereert ruimte voor nog zwaardere begeleiding, terwijl de popvorm de uitvoering licht houdt. Godsent brengt meer gitaarkracht en profiteert van dat contrast. Ook Big Bang heeft de vorm van een sterke rockmeezinger. Door de geprogrammeerde basis blijft een deel van de impact eerder een belofte dan werkelijkheid. De plaat kiest herhaaldelijk voor precieze, aanstekelijke beweging boven de ruwe fysieke duw van een band.

De gelijkmatigheid is aantrekkelijk, maar beperkt de ontdekking over dertien tracks. Sommige songs hebben minder karakter dan hun verzorgde klank doet vermoeden. Algemene uitspraken gaan soms voor emotioneel detail door. Toch houdt Arcadia de melodie goed centraal terwijl de kleuren eromheen veranderen. De beste songs nodigen zonder moeite uit tot bewegen en meedoen. Het album overtuigt vooral wanneer het het plezier van die popopbouw accepteert. Arcadia en Godsent tonen dat elektronische helderheid en een sterke rockstem elkaar kunnen ontmoeten zonder hun doel te verliezen.