Suckapunch

Suckapunch

Suckapunch brengt goede onrust in de melodieuze rock van You Me at Six. Gitaren blijven belangrijk. Elektronische beats, r&b-accenten en dansritmes veranderen de omgeving. De beste songs gebruiken die brede klank voor een energieke plaat met een duidelijke stem. De zwakkere laten horen dat een andere stijl niet vanzelf een betere melodie oplevert.

Nice to Me opent stevig. Ruwe gitaren en zelfverzekerde zang geven meteen richting. MAKEMEFEELALIVE trekt die aanval verder door. Een kort, zwaar arrangement en meer geschreeuwde zang maken snel hun punt.

WYDRN kiest een andere kant. Synths en r&b-invloeden zorgen voor een duidelijke verandering ten opzichte van de gitaarsongs. Josh Franceschi's voordracht houdt de verbinding met het bekende bandkarakter. De omslag overtuigt meer als deel van een gevarieerde reeks dan als een volledige heruitvinding op zichzelf.

Het titelnummer ontwikkelt de danskant verder. Een geleidelijke opbouw geeft de zware inzet betekenis. Gitaren en elektronische begeleiding werken naar dezelfde ontlading toe. Kill the Mood vertraagt en zoekt met elektronische drums en een ingetogen aanpak een andere aantrekkingskracht.

Glasgow verandert ook de schaal. De ballad groeit gestaag naar een groot emotioneel einde. Franceschi geeft de melodie genoeg kracht om die stijging te dragen. Het werkt, al voelt de lange speelduur minder dringend dan het strakke materiaal eromheen.

De experimenten zijn wisselvallig. What's It Like vindt niet dezelfde overtuigende balans. Sommige elektronica heeft melodieus minder karakter dan de presentatie belooft. De teksten leunen daarnaast op bekende uitingen van pijn en herstel. Veel van de eigenheid moet van de gedreven zang komen.

Toch bevat Suckapunch genoeg sterke uitvoeringen om de brede aanpak de moeite waard te maken. De harde opening, dansrockopbouw en beschouwende passages geven elk iets anders. Een paar zwakke songs voorkomen dat alles helemaal zelfverzekerd klinkt. De band blijft wel hoorbaar betrokken bij wat hij maakt.