Iowa
Op Iowa voelt Slipknots agressie eerst zwaar en dan pas snel. De gitaren klinken dicht en laag, de percussie vult bijna elk gaatje en Corey Taylors stem zit vooraan in de opname. Ook bij versnellingen blijft dat gewicht. Snelheid wordt nog een manier om de druk op te voeren.
People = Shit laat die aanpak doeltreffend horen. De opening is hard, maar de ritmische veranderingen geven meer vorm dan voortdurend geweld alleen. Joey Jordison helpt de band tussen extreme snelheid en een trage stomp bewegen zonder vaart te verliezen. Disasterpiece bouwt die verhouding langer uit. Een riff krijgt tijd om kracht te verzamelen voor de volgende uitbarsting.
Melodie komt spaarzaam, waardoor ze telt wanneer ze verschijnt. Left Behind heeft een direct te onthouden refrein. Taylor houdt genoeg ruwheid vast om het met de rest te verbinden. My Plague vindt een andere route tussen harde coupletten en een heldere melodie. Geen van beide klinkt alsof hij van een andere band komt. Ze laten mogelijkheden binnen hetzelfde vijandige geluid horen.
De trage stukken dragen veel van de sfeer. Gently geeft kleine wisselingen in volume en klank tijd om binnen te komen. Het afsluitende titelnummer neemt meer risico en laat basfiguur en verontrustende stemmen lang in een ongemakkelijke ruimte staan. Als gewone song bevredigt het minder dan als volgehouden beklemmende scène. Juist doordat de snelle ontlading uitblijft, laat het slot je moeilijk los.
De taal is soms zo bot dat emotionele details verdwijnen. Niet elk gewelddadig beeld verdient Taylors nadruk. Een pauze of tempowisseling zegt vaak meer. De afstand tussen verbale schok en muzikale controle hoort bij de spanning.
Iowa slaagt doordat de band een duidelijke sfeer vasthoudt en daar afzonderlijke songs in vormt. De beste passages combineren exact spel met gezamenlijke spanning. Het resultaat put doelgericht uit. De arrangementen zijn even krachtig als het volume.
