A Day at the Beach

A Day at the Beach

A Day at the Beach haast zich niet naar zijn grote momenten. Airbag laat toetsen, gitaar en beheerste ritmes eerst sfeer bouwen. Het vijfde album van de Noorse band geeft elektronica meer kleur binnen ruime progrock. Bjørn Riis' leadgitaar blijft een van de belangrijkste redenen om naar de plaat te luisteren. De aanpak is vertrouwd, maar werkt in verschillende songs goed.

Machines and Men begint sterk. Een elektronische puls geeft richting en een memorabele melodie groeit erboven. Het arrangement wordt geleidelijk zwaarder in plaats van scherp af te slaan. Nieuwe klanken passen bij de band zonder het geluid over te nemen.

Het eerste titelnummerdeel neemt daarna terug. Toetsen maken een stille omgeving, met kleine gitaardetails en percussie rond de stem. Het contrast met de opener helpt. Het tweede deel keert later naar reflectie terug. Een brede gitaarpassage geeft de kalme muziek meer ontlading.

Into The Unknown neemt tijd naar een lange slotsolo. De trage ontwikkeling laat het leadspel indruk maken, maar de reis kan te lang voelen. Sunsets heeft meer vaart, met actieve drums en bas. Megalomaniac geeft Riis ook ruimte om melodie met gitaar te dragen.

De productie is overal sterk. Instrumenten krijgen ruimte en zachte elektronica past rond het bandspel. Afzonderlijke delen blijven te volgen zonder de sfeer te verliezen. Die helderheid maakt rust uitnodigend en geeft gitaarhoogtepunten een stevige omgeving.

De herhaalde vorm beperkt: trage openingen, geduldige opbouw en grote gitaareindes worden voorspelbaar. Sommige stukken bewaren sfeer zonder genoeg ontwikkeling. Het geheel boeit minder dan de beste momenten. Toch biedt A Day at the Beach doordachte melodieuze prog met sterke pieken. Wie sfeer en expressieve leadgitaar waardeert, vindt veel, mits het ongehaaste tempo past.