Tempel
Tempel zet de beweging tussen bas, gitaar en drums centraal in het geluid van Colour Haze. Het trio uit München gebruikt blues en psychedelische rock als basis. Binnen zware arrangementen is plaats voor zacht, door jazz beïnvloed spel. Het klinkt warm en ongehaast. Songs groeien door veranderingen in klank en druk, niet door voortdurend nieuwe riffs aan te voeren.
Aquamaria opent sterk. Een baslijn geeft de gitaar ruimte om geleidelijk binnen te komen. De drums bouwen mee aan het gewicht. De zang blijft dicht bij de instrumenten wanneer distortion toeneemt. Open ruimte en zwaar spel wisselen zonder het onderliggende ritme kwijt te raken.
Fire bouwt lang op vanuit een eenvoudiger idee. De hoofdriff komt daarna krachtiger aan. Mind wisselt het tempo zinvol. De korte, snelle vorm houdt de plaat in beweging en laat de omliggende songs verder uitrekken. Het blijft onderdeel van hetzelfde geluid.
Het instrumentale titelnummer gebruikt het aanzwellen van vervormde gitaar goed. Gold & Silver voegt orgel toe. Latere delen krijgen een kleur zonder gitaar en ritmesectie te verdringen. Het spel blijft duidelijk wanneer het geluid groter wordt.
Earth brengt directere rock. Ozean gaat rustiger door gitaarklanken en een klein ritmisch arrangement. Stratofarm eindigt met gelaagde zang en een zacht, bijna jazzy gevoel. De stem wordt daar duidelijker onderdeel van de muziek en biedt waardevol slotcontrast.
Tempel pakt minder direct wanneer herhaalde patronen te lang blijven staan. De zang is vaak nog een klanklaag. Sommige luisteraars willen daardoor een sterkere melodie vooraan. Ook oudere rockinvloeden zijn herkenbaar. Toch trekt vooral de zorgvuldige wisselwerking. Colour Haze laat instrumenten op elkaar reageren. In deze meeslepende verzameling tellen rustige details net zo zwaar als zware riffs.
