Acheron
Stromend water opent Acheron en plaatst King Buffalo meteen in de omgeving waar de muziek is opgenomen. Het trio speelde deze vier lange stukken live in Howe Caverns in New York. De locatie geeft ruimte aan de klank, maar het spel zorgt voor het echte middelpunt. Herhaalde ritmes, heldere baslijnen en geleidelijke gitaarveranderingen houden de muziek sterk in beweging.
Het titelnummer benut die ruimte goed. Cleane gitaarlijnen krijgen langzaam gewicht wanneer bas en drums aansluiten. Vervorming voegt een harde rand toe en neemt dan weer af, zodat de noten kunnen uitklinken. Rust en kracht staan centraal in de song. Door het afgemeten tempo voelt elke terugkeer bewust gekozen.
Zephyr heeft vanaf het begin een actiever ritme. De drums geven gelaagde gitaren een stevige basis om omheen te bewegen. De zang wordt geleidelijk sterker. Middenin verandert een zwaar deel de richting, waarna de eerste ideeën terugkeren. Die heldere vorm houdt een stuk van bijna tien minuten goed te volgen.
Shadows zet de bas verder vooraan. Gitaar en drums houden zich genoeg in om de bewegende baslijnen de meeste aandacht te geven. Synthesizer voegt een andere kleur toe. De donkere stemming sluit goed aan bij de zware delen, zonder elke song even krachtig te maken.
Cerberus eindigt gespannen en geduldig. Een dronende introductie maakt plaats voor actievere drums en stevige riffs. De band verandert de druk herhaaldelijk. Rond de instrumenten blijft genoeg ruimte om kleine bewegingen net zo belangrijk te maken als de grote secties.
De vier lange tracks vragen een bepaald soort aandacht. Sommige vervormde uitbarstingen onderbreken het soepele verloop. Melodieën werken vaak beter binnen het arrangement dan als zelfstandige pakkende motieven. Toch gebruikt Acheron de beperkte opzet goed. De muzikanten blijven nauw verbonden en voegen details toe zonder het druk te maken. Het is een meeslepende plaat waarop een ongewone opnameruimte overtuigende uitvoeringen ondersteunt.
