Giants & Monsters
De uitgebreide bezetting van Helloween had gemakkelijk kunnen eindigen in een poging om iedereen tevreden te houden. Giants & Monsters werkt doordat de stemmen en gitaren meestal de songs dienen. Michael Kiske, Andi Deris en Kai Hansen hebben elk een eigen karakter. De band gebruikt die verschillen om de plaat levendig te houden.
Giants on the Run opent sterk, met gewicht, snelheid en een refrein dat het nummer optilt. Het laat duidelijk horen hoe deze versie van Helloween klinkt. Er zit veel geschiedenis in de bezetting, maar je hoeft niet elke verwijzing te herkennen om van de song te genieten.
Savior of the World voert de snelheid verder op. A Little Is a Little Too Much kiest juist voor directere melodieuze rock. Dat contrast doet de plaat goed, al zal het opgewekte materiaal niet iedereen bevallen. Helloween heeft altijd ruimte gehad voor optimistische refreinen en doet hier weinig moeite om dat te verbergen.
This Is Tokyo vindt een aanstekelijke melodie en houdt die goed vast. We Can Be Gods brengt meer van de zware powermetal naar voren en geeft de zangers een stevige basis. Het gitaarspel blijft helder en energiek, terwijl de ritmesectie ook de grote arrangementen goed bij elkaar houdt.
Universe (Gravity for Hearts) is een van de sterkste nummers voor wie de snelle, veeleisendere kant van de band zoekt. De song blijft goed vooruitgaan. De verschillende stemkleuren voegen iets toe zonder de samenhang te onderbreken.
Majestic zorgt voor een uitgebreider slot. Piano en een breder arrangement geven dat einde een eigen karakter. Het laat horen dat de band meer kan dan snelle nummers en meezingers afwisselen.
De vrolijkste momenten blijven een kwestie van smaak. De refreinen werken, maar doen soms wel erg hun best om iedereen te behagen. Dankzij het sterke spel en de afwisselende songs is dat gemakkelijk te vergeven. Giants & Monsters is een zelfverzekerde plaat van een bezetting die overtuigend heeft leren samenwerken.
