Heaven :x: Hell

Heaven :x: Hell

Sum 41 verdeelt Heaven :x: Hell in twee duidelijke helften. De eerste keert terug naar snelle, melodieuze poppunk. De tweede geeft de zwaardere invloeden meer ruimte. Voor een laatste album is dat een goede manier om beide kanten van de band te erkennen, zonder alles in dezelfde song te stoppen.

De kant Heaven is het gelijkmatigst. Landmines is een sterke single, met een helder refrein en genoeg vaart om de vertrouwde vorm prettig te laten voelen. I Can't Wait en Time Won't Wait houden het tempo vast. Die songs hebben het afscheid niet nodig om te werken. Het zijn gewoon goede voorbeelden van de directe, energieke muziek die de band altijd heeft begrepen.

Deryck Whibley's stem geeft ook het opgewekte materiaal een licht gespannen randje. Dat helpt in Bad Mistake, waar de persoonlijke zorgen zwaarder wegen dan het vrolijke arrangement eerst doet vermoeden. Ook Dopamine is melodieus sterk. Het drumwerk houdt de song volop in beweging.

Bij de overgang naar Hell verschuift de nadruk. Rise Up is het hoogtepunt van de zware helft. De riff en breakdown geven de plaat een nieuwe krachtstoot. Dave Baksh en Tom Thacker krijgen hier veel te doen. Hun gitaarspel maakt de metalinvloed overtuigend.

Een deel van het latere materiaal blijft minder hangen. House of Liars heeft het juiste gewicht, maar niet dezelfde aanstekelijke melodie. I Don't Need Anyone lijkt niet helemaal te kiezen wat voor song het wil zijn. De cover van Paint It, Black voegt een bekend nummer en extra snelheid toe. Zo dicht bij het slot is het wel een vreemde omweg.

How the End Begins sluit met genoeg gevoel af om het grotere idee te laten werken. Je hoort een band die de balans opmaakt zonder de muziek te vergeten.

Twintig nummers hadden gemakkelijk als een opgave kunnen voelen. De plaat gaat gelukkig vlot genoeg vooruit. Niet elk deel is even sterk, maar de beste songs staan op zichzelf. Heaven :x: Hell is een waardevol laatste statement dat op meer drijft dan alleen sentiment.