Good to Go-Go

Good to Go-Go

Good to Go-Go laat horen hoeveel energie Spyro Gyra binnen een toegankelijke melodie kan brengen. De band beweegt tussen jazz, funk, reggae en Latijnse ritmes. De melodieën blijven helder, terwijl de muzikanten ruimte krijgen om ze te ontwikkelen. Het geluid is verzorgd, maar onder dat oppervlak zit veel beweging. Het album heeft meer detail dan zijn soepele verloop eerst suggereert.

Simple Pleasures vormt een stevig begin. De door bas geleide groove geeft de saxofoon een duidelijk pad. De muziek is ontspannen zonder passief te worden. Get Busy voegt ritmische veranderingen en een drukkere melodie toe, maar de puls blijft gemakkelijk te volgen. De band houdt de luisteraar betrokken terwijl de partijen ingewikkelder worden.

De spelers laten zich overal horen. Funkyard Dog zet Julio Fernandez' gitaar vooraan, samen met Jay Beckensteins saxofoon boven een actieve ritmesectie. Het titelnummer benut Scott Ambush' bas en Tom Schumans toetsen even goed. De solo's groeien uit de groove. Daardoor bewaart de muziek haar richting wanneer de aandacht verschuift.

Er zijn ook nuttige toevoegingen. Andy Narells steelpans geven Jam Up en Island Time een heldere klank. De reggae van Jam Up is levendig, al kunnen zangaccenten het natuurlijke verloop onderbreken. Christian Howes' viool kleurt The Left Bank anders, naast piano en saxofoon die tijdens de ontwikkeling actiever worden.

Newroses sluit sterk af. De veranderingen worden ingewikkelder, maar een duidelijke melodie blijft bestaan. De energie rechtvaardigt de langere route. Over de hele plaat kan die ruimte wel te veel worden. Sommige passages zouden ook korter aantrekkelijk blijven.

Good to Go-Go werkt doordat de soepele presentatie de onderlinge reacties niet verwijdert. Ritmes leven, melodieën nodigen tot terugkeer uit en gitaar heeft een nuttige plek in het ensemble. Spyro Gyra biedt rockluisteraars een goede ingang tot melodieuze, groovegerichte jazzfusion.