Moroccan Roll
Brand X verruimt zijn jazzrock op Moroccan Roll met zachte klanken, extra percussie en opener arrangementen. De muziek blijft veeleisend, maar vertrouwt niet op voortdurend krachtvertoon. Percy Jones' bas en Phil Collins' drums staan centraal. Gitaar en toetsen bewegen tussen rustige passages en energieke wisselwerkingen.
Sun in the Night introduceert de verandering met sitar en een korte zangpartij. Die ongewone combinatie geeft de opening een andere kleur dan een doorsnee instrumentale fusiontrack. De zang overtuigt minder dan het arrangement. Daardoor is het experiment interessanter als klankwisseling dan als song.
Why Should I Lend You Mine (When You've Broken Yours off Already) geeft ruimte aan de rustige kant. Een traag, zacht begin maakt geleidelijk plaats voor sterker instrumentaal spel. Het contrast met John Goodsalls scherpe gitaar geeft het lange arrangement richting. Die geduldige aanpak is een van de aantrekkelijkere keuzes.
Hate Zone herstelt de stevige ritmische aanval. Drums en bas maken de funk duidelijk en gitaar geeft extra felheid. Disco Suicide gebruikt ook een sterke elektrische pianogroove. Sommige synthklanken werken minder goed. Het arrangement heeft wel meer energie dan de gladde buitenkant doet vermoeden.
Malaga Virgen zet Jones' bas centraal. Een ingehouden introductie staat naast explosiever spel. Zijn klank geeft het stuk een eigen aanwezigheid, ook wanneer de lange nadruk op bas wat veel wordt. Orbits is een veel korter visitekaartje, maar draagt minder bij aan de vorm van het album.
Macrocosm sluit af met sterker gezamenlijk bewegen. Gitaar krijgt een prominente rol. De wisselingen tussen rust en volle aanvallen brengen het speelse karakter terug. Hier wordt het vakmanschap bevredigender ingezet dan in de korte fragmenten over de plaat.
Het geheel is ongelijkmatig. Enkele korte ideeën voelen overbodig. Niet elk experiment levert even sterke composities op. Toch maken doordachte arrangementen en veranderende instrumentkleuren Moroccan Roll het verkennen waard. De beste passages vinden een boeiende balans tussen ritmische precisie en een lossere, beschouwende sfeer.
