Something Like Human
De stem van Brett Scallions geeft Something Like Human zijn menselijke kern. Hij kan gekwetst klinken zonder toonvastheid of richting te verliezen. Dat telt bij een band die zo beheerst speelt. Fuel maakt directe, gespierde rock, met melodieën die in de beste nummers overeind blijven onder de kracht van de uitvoering.
Hemorrhage (In My Hands) toont dat het duidelijkst. Het ingehouden begin stelt de stem kwetsbaar op. Het refrein brengt een groter gitaargeluid zonder de melodie op te slokken. Scallions bereikt emotioneel veel door hoe hij zich in de melodie stort. Het arrangement geeft hem iets stevigs om tegenin te gaan.
Opener Last Time valt directer met gitaar aan. Carl Bell bepaalt het vlotte tempo en de ritmesectie houdt de veranderingen soepel in beweging. Het introduceert goed hoe de plaat de vaart van hardrock aan het zwaardere gewicht van metal koppelt. Fuel verbindt die elementen binnen de songs, in plaats van de plaat in stijlen te verdelen.
Innocent maakt dat bijzonder overtuigend. Het akoestische begin laat eerst een andere kant horen, voordat de band met versterkte instrumenten binnenkomt. Door die voorbereiding voelt het refrein groter. Laat op de plaat geeft Knives de drums een nadrukkelijker rol. Er blijft ruimte voor een gitaarlead die spanning toevoegt zonder de song uit elkaar te trekken.
Niet alles is zo helder. De klankwisselingen in Easy leiden niet tot een echt overtuigende uitkomst. Solace heeft sfeer, maar geen even sterk melodieus middelpunt. Het zorgvuldige spel laat de songs hier vollediger lijken dan de ideeën zijn.
Afsluiter Slow verandert de vorm op een goede manier. De band wil meer doen dan de toegankelijkste single herhalen. Something Like Human verdient zijn plaats door de verbinding tussen een goede zanger en strak georganiseerde arrangementen. Het geheel blijft door de zwakke tracks wisselvallig. De beste laten horen hoe effectief bekende rockingrediënten zijn wanneer de melodie de reden voor alle kracht blijft.
