Emerald Seas

Emerald Seas

Op Emerald Seas zit het orkestrale geluid midden in de muziek. De arrangementen volgen de spanning van een nummer, in plaats van alleen alles groter te maken. Seven Spires combineert die aanpak met stevige gitaren en een zangeres die veel verschillende rollen aankan. Daardoor blijft deze theatrale metalplaat opvallend beweeglijk.

Adrienne Cowan schakelt tussen heldere melodieën en fel geschreeuw. Dat verschil wordt goed gebruikt. In Every Crest brengen de krachtige zang, snelle drums en beweeglijke bas veel energie samen. Drowner Of Worlds kiest een veel donkerdere sfeer, met ruwe zang en grote koorpartijen. De overgang voelt overtuigend omdat de instrumenten even duidelijk van karakter veranderen als de stem.

Daartegenover staat de toegankelijkere kant van Succumb. Het nummer laat horen hoeveel gevoel voor melodie er onder alle uitbundige arrangementen zit. Ook de zachtere zang op Silvery Moon past logisch in het geheel. Seven Spires hoeft niet voortdurend op volle kracht te spelen om de aandacht vast te houden. De rustiger passages krijgen hun eigen kleur en geven de zware stukken extra betekenis.

Het gitaarwerk helpt daarbij. Jack Kosto kan technisch veel, maar zijn partijen ondersteunen vooral de emotie van de liedjes. De muziek blijft herkenbaar wanneer de begeleiding druk wordt. Dat is belangrijk op een conceptalbum dat zijn verhaal over verschillende stijlen verspreidt. Terugkerende melodische ideeën verbinden bovendien Succumb met het afsluitende titelnummer.

Emerald Seas werkt daardoor het best als een volledige plaat. De heldere refreinen zijn meteen aantrekkelijk, maar de overgangen en terugkerende thema's geven het geheel meer diepte. Wie niet van ruwe zang of grote theatrale gebaren houdt, zal hier even moeten wennen. Binnen die uitbundige aanpak schrijft Seven Spires echter zorgvuldig en met veel gevoel. De techniek maakt de liedjes rijker en de melodieën geven al die details een duidelijke richting.