Warpaint
Warpaint geeft de bluesrock van de Black Crowes een gevestigd, zelfverzekerd karakter. De wortels zijn vertrouwd. Luther Dickinsons slidegitaar staat sterk naast Rich Robinson. Het spel heeft veel kracht en laat tegelijk ruimte voor countrydetails en een zachter tempo. De melodieën evenaren niet altijd de kwaliteit van het instrumentale spel.
Goodbye Daughters of the Revolution opent effectief. Een korte druminzet leidt naar direct bandspel. De gitaren zetten de ruwe aantrekkingskracht neer. Walk Believer Walk geeft daarna een zwaarder bluesdecor en een nieuwe kans voor het gedeelde bandgeluid.
Oh Josephine gaat zachter. De langzame beweging verandert de stemming zinvol. De zangmelodie heeft minder eigenheid dan het arrangement. De instrumenten geven vaak de sterkste reden om betrokken te blijven. De muzikanten werken op hun gemak om elkaar heen.
Locust Street overtuigt meer als complete song. Rustige rootsrock geeft de stem een heldere plaats en brengt de onderdelen bijzonder goed samen. Het contrasteert prettig met zwaar materiaal zonder los van de rest te staan.
Wounded Bird herstelt stevigere rock. God's Got It gebruikt directer countryblues. Het zachte There's Gold in Them Hills en Whoa Mule verbreden de tweede helft. Binnen een bestaande stijl kan de band veel.
De volgorde benut die variatie niet altijd. Het zware begin en zachte late materiaal voelen soms te gescheiden. Meerdere songs hadden een sterkere zanghook kunnen gebruiken. Chris Robinsons karaktervolle voordracht lost niet ieder schrijfprobleem op.
Toch heeft Warpaint genoeg betrokken spel en overtuigende stemmingswisselingen voor een waardevolle terugkeer. De beste songs maken van bekende bluesrockvormen zelfverzekerde uitvoeringen. De gitaren leveren een groot deel van de aantrekkingskracht.
