Dogrel
Dogrel komt overtuigend binnen, maar Fontaines D.C. heeft meer te bieden dan de eerste paar felle liedjes doen vermoeden. De gitaren zijn scherp, de bas houdt de muziek in beweging en Grian Chatten zingt met een nadrukkelijk Iers accent. Hij hoeft zijn stem nauwelijks mooier te maken om aandacht te trekken. Zijn woorden en de gedreven begeleiding doen het werk.
Big heeft aan minder dan twee minuten genoeg om die aanpak duidelijk te maken. De band zet stevig door, terwijl de zang meteen een herkenbaar karakter geeft. Sha Sha Sha houdt de akkoorden kort en onrustig. Daarna trekt Too Real het geluid verder open met rumoerige gitaren die de plaat een veel ruwer oppervlak geven.
De rustige momenten zijn minstens zo belangrijk. Roy's Tune en Television Screens laten meer ruimte voor melodie en voor de mensen over wie Chatten zingt. Zijn verhalen over Dublin draaien niet alleen om bravoure. Er zitten onzekerheid, alledaagse zorgen en verlangen naar een ander bestaan in. Dat geeft de stad op deze plaat meer inhoud dan alleen een herkenbare achtergrond.
Boys in the Better Land brengt de energie en de melodieuze kant bijzonder goed samen. Het nummer heeft genoeg vaart om direct te werken en genoeg karakter om langer te blijven hangen. Afsluiter Dublin City Sky kiest vervolgens voor de sfeer van een gezamenlijk gezongen Iers lied. Het is een sterke manier om de plaat menselijk en dichtbij te laten eindigen.
Chatten heeft geen bijzonder breed zangbereik en het instrumentale geluid blijft duidelijk afgebakend. Wie veel verschillende klankwerelden zoekt, zal hier grenzen horen. Binnen die grenzen schrijft de band echter opvallend levendige liedjes. Dogrel klinkt direct en samenhangend, met genoeg afwisseling in stemming om meer te worden dan een sterke reeks singles. Het is een debuut dat zijn overtuiging uit de nummers haalt.
