A N D

A N D

A N D geeft de onrustige gitaren van tricot een iets ruimere omgeving. De bas klinkt rond, de drums hebben oog voor details en de productie laat de verschillende partijen helder naar voren komen. De band blijft moeilijk stil te zetten, maar de liedjes krijgen meer richting. Dat maakt deze tweede plaat toegankelijk zonder alle eigenaardigheden weg te poetsen.

Noradrenaline begint met hoekige gitaren en een nadrukkelijke bas, waarna het refrein veel meer openbreekt. Die overgang vat een belangrijk deel van het album samen. tricot kan ingewikkelde lijnen spelen en vervolgens overtuigend naar een eenvoudige, energieke uitbarsting toewerken. De zang vormt vaak de verbinding tussen die twee kanten. Ook wanneer de begeleiding plotseling verandert, blijft er iets om aan vast te houden.

De piano op ぱい~ん A N D ver. brengt een andere kleur mee. Het instrument geeft de scherpe gitaren een jazzachtige tegenpartij, zonder dat het nummer opeens een los uitstapje wordt. Zo'n toevoeging past goed bij een plaat die zijn geluid wil verbreden. De verschillende gastdrummers zorgen bovendien voor variatie binnen het samenspel.

神戸ナンバー hoort bij de meest directe momenten, met een sterk refrein en een prettig beweeglijke zangpartij. 庭 laat weer een onvoorspelbaardere kant zien. Het zijn juist zulke uitschieters die ook een beperking duidelijk maken: niet ieder nummer heeft een melodie die even sterk blijft hangen. De band speelt overal overtuigend, maar soms is de beweging interessanter dan het liedje dat eruit ontstaat.

Toch heeft A N D genoeg persoonlijkheid om meer te zijn dan een verzameling slimme ritmes. Het geluid is verzorgd, de wisselwerking blijft levendig en de melodieuze momenten geven de techniek een doel. Wie de drukte van tricot aanvankelijk lastig vindt, krijgt hier verschillende goede ingangen. De band maakt zijn muziek begrijpelijker zonder haar helemaal voorspelbaar te maken.