T H E

T H E

Op T H E speelt tricot alsof ingewikkelde maatsoorten de normaalste zaak van de wereld zijn. De gitaren snijden langs elkaar heen, de drums reageren op elke beweging en de zang houdt de liedjes toegankelijk. Het Japanse viertal heeft veel ideeën, maar presenteert ze meestal met de directheid van een goede indieband. Daardoor kun je deze muziek volgen zonder voortdurend de ritmes te ontleden.

De kracht zit in de wisselwerking tussen de muzikanten. Een gitaarpartij kan hoekig en onrustig zijn terwijl de zang juist een duidelijke melodie neerzet. Wanneer de band harder speelt, blijft die verhouding overeind. POOL heeft een felle energie die verder gaat dan alleen snel of nauwkeurig spelen. Het nummer geeft de technische aanpak een onmiddellijk lichamelijk effect.

Ook de meer herkenbare liedjesvormen worden goed gebruikt. artsick heeft een duidelijke melodieuze basis, met genoeg gitaarbeweging om de herhalingen interessant te houden. In het rustigere Swimmer komt de toegankelijke kant van de band sterker naar voren. De zang krijgt meer ruimte, zonder dat tricot ineens alle spanning laat verdwijnen. おやすみ laat vervolgens horen hoe sterk een oplopende zangmelodie binnen deze bezetting kan werken.

De droge productie heeft voordelen en beperkingen. Je hoort de afzonderlijke partijen duidelijk, maar het geluid mist soms de ruimte waarin de melodieën nog verder zouden kunnen groeien. De zang staat bovendien vrij nadrukkelijk vooraan. Daardoor vallen de terugkerende melodische patronen meer op dan nodig is. Over de volledige speelduur kan de bijna onafgebroken activiteit ook vermoeiend worden.

Dat neemt weinig weg van de overtuiging waarmee deze debuutplaat is gemaakt. T H E klinkt levendig en herkenbaar, juist doordat tricot zijn technische spel niet loskoppelt van de liedjes. Het is een sterke keuze voor wie puntige gitaarmuziek zoekt die telkens een onverwachte afslag neemt.