Amaryllis

Amaryllis

Mary Halvorson zet haar gitaar op Amaryllis midden in een levendig gezelschap. Trompet, trombone, vibrafoon, bas en drums geven de muziek elk een andere kleur. Niemand hoeft voortdurend op de voorgrond te staan. De kracht zit in de manier waarop de partijen samen een melodie vormgeven, of elkaar juist even uit evenwicht brengen.

Night Shift geeft die aanpak meteen vaart. Het ritme heeft een onregelmatige beweging, maar klinkt daardoor niet stroef. De blazers en de heldere klanken van Patricia Brennans vibrafoon houden de melodische lijnen herkenbaar. Halvorsons gitaar voegt kleine vervormingen toe die het geheel net een andere kant op trekken.

In Anesthesia neemt de haast af. De percussieve details blijven belangrijk, maar krijgen meer lucht om zich heen. Het titelnummer brengt daarna een mooie tegenstelling aan: de bas beweegt snel, terwijl trompet en trombone er rustiger bovenuit klinken. Die verschillende snelheden maken het samenspel spannend zonder dat het onoverzichtelijk wordt.

Vanaf Side Effect doet ook het Mivos Quartet mee. De strijkers zetten de rest van de band in een ander licht. Ze voegen meer toe dan een zachte achtergrond: de combinatie krijgt een duidelijk kamermuzikaal karakter, terwijl het ritme zijn eigenzinnigheid behoudt. De overgang voelt als een uitbreiding van de ideeën uit de eerste helft.

Hoodwink heeft een steviger, bijna marcherende beweging. Halvorsons getokkelde partijen en vervormde gitaarlijnen passen daar verrassend vanzelfsprekend tussen. Afsluiter 892 Teeth kiest voor een intiemere sfeer. De sombere kleur krijgt genoeg ruimte, zonder de muziek helemaal zwaar te maken.

Amaryllis vraagt aandacht voor het samenspel. De melodieën verdwijnen soms even tussen de verschuivende partijen, maar er blijft steeds een duidelijk verband hoorbaar. Halvorson maakt muziek met veel verschillende onderdelen en een heldere eigen richting. Juist doordat ze de anderen zoveel ruimte geeft, komt haar karakter als componist en gitarist goed naar voren.