Covenant
Covenant haalt zijn spanning uit het verschil tussen razendsnelle death metal en stukken die juist zwaar blijven hangen. Morbid Angel hoeft niet voortdurend het tempo op te voeren om dreigend te klinken. De tragere riffs geven de plaat een extra dimensie, terwijl de snelle nummers weinig aan felheid verliezen.
Rapture begint overtuigend met een felle aanval van gitaren en drums. Pete Sandoval houdt zijn spel beweeglijk met snelle dubbele basdrums en drukke fills. Trey Azagthoth laat daar riffs en solo's doorheen schieten die onrustig klinken, maar duidelijk binnen het nummer passen. Het is technisch sterk zonder dat iedere overgang als een demonstratie voelt.
Pain Divine laat ruimte voor een melodisch gitaarlijntje binnen dat geweld. Zulke momenten maken het materiaal herkenbaar zonder de scherpe kanten glad te strijken. David Vincents lage, korrelige zang houdt de sfeer donker. Zijn voordracht heeft genoeg overtuiging om ook de simpelere passages gewicht te geven.
In World Of Shit (The Promised Land) krijgt de muziek een zwaardere, tragere beweging voordat het tempo weer aantrekt. Die verandering werkt omdat de band de spanning vasthoudt. De drums blijven actief en de gitaren behouden hun duidelijke vorm. Langzamer spelen voelt hier als een bewuste keuze.
Het slot is bijzonder geslaagd. Het korte Nar Mattaru brengt de vaart terug tot een dreigende tussenruimte, waarna God Of Emptiness met logge riffs en Vincents bijna gezongen voordracht een eigen karakter krijgt. De overgang maakt het einde groter dan de losse onderdelen.
Niet alles is even scherp afgebakend en de bas verdwijnt geregeld achter de gitaren. Toch draagt de samenhang veel. Covenant combineert brute kracht met voldoende variatie om zijn donkere sfeer een volledige plaat lang interessant te houden. Vooral de beheersing van het tempo maakt het zo overtuigend.
