154

154

154 geeft Wire een breder en killer geluid. Gitaren en elektronica lopen sterker in elkaar over. De arrangementen klinken voller dan je op basis van Pink Flag zou verwachten. Toch is de belangstelling voor korte, pakkende songs niet verdwenen. Het album werkt het beste wanneer die twee kanten samenkomen en een goede melodie een ongemakkelijke omgeving krijgt.

The 15th is een duidelijk hoogtepunt. Heldere gitaarlijnen en zwevende synthesizers ondersteunen een zangpartij die gemakkelijk te volgen is, zonder het nummer gewoontjes te maken. Map Ref 41 Degrees N 93 Degrees W is eveneens uitnodigend. Uit het gedetailleerde arrangement komt een groot, herkenbaar refrein naar voren. Wire kan toegankelijke songs schrijven en toch zijn vreemde karakter behouden.

Two People in a Room valt veel scherper aan. De dringende percussie en snijdende gitaren herinneren eraan dat de band ook nog steeds fel en direct kan klinken. De korte uitbarsting vormt een nuttig contrast met het tragere materiaal. Het voelt niet als een poging om een eerdere formule te herhalen.

A Touching Display zoekt het andere uiterste op. Het nummer neemt de tijd om een donker, steeds dichter geluid op te bouwen, met aangehouden stemmen en onrustige instrumentale klanken. De spanning groeit zonder een duidelijke ontlading te bieden.

Niet ieder experiment werkt even goed. Door de wisselingen tussen toegankelijke songs en afstandelijkere passages kan 154 wat onevenwichtig voelen. De kille productie houdt de emotie soms op afstand. De sterkste melodieën breken wel door dat oppervlak heen. Wire voegt niet zomaar meer geluiden toe, maar vindt nieuwe verhoudingen tussen gitaar, elektronica en zang. Dat maakt de plaat veeleisend en eigenzinnig, met een paar nummers die overtuigend laten horen hoe goed het popgevoel van de band is.