The New Breed

The New Breed

The New Breed heeft de losse beweging van een jazzgroep en de geconcentreerde ritmes van een goed gemaakte beat. Jeff Parker laat die twee kanten door elkaar lopen. Samples en oudere opnamen vormen een uitgangspunt voor nieuw samenspel, zonder dat de muziek als een verzameling losse bouwstenen klinkt. Zijn gitaar blijft herkenbaar tussen de verschillende lagen.

Op Executive Life staat de bas stevig onder een ritme dat bewust iets onregelmatigs heeft. De melodie beweegt daar soepel overheen. Dat spanningsveld is belangrijk: de basis kan blijven hangen terwijl de muzikanten eromheen blijven veranderen. Parker maakt ruimte binnen de herhaling.

Here Comes Ezra heeft een duidelijker elektronische tik, met gitaar die rustig zijn eigen route volgt. Als het nummer tegen het einde opener wordt, voelt dat als een uitbreiding van hetzelfde idee. Ook Jrifted klinkt ontspannen zonder stil te staan. Blaasinstrumenten en gitaar houden de sfeer warm, terwijl het ritme aan het einde nog een andere vorm krijgt.

De muziek hoeft niet steeds nadrukkelijk te laten horen hoe knap ze is gemaakt. Parker speelt helder en terughoudend; de bas, drums en blazers zijn net zo belangrijk voor het geheel. De korte speelduur helpt om de verschillende stukken bij elkaar te houden, al zal wie lange, vrij uitgewerkte solo's zoekt hier minder vinden.

Afsluiter Cliche brengt zang van Ruby Parker. Haar stem geeft het album een directer menselijk middelpunt zonder de rustige toon te doorbreken. Daarmee rondt de plaat zijn eigen aanpak mooi af. The New Breed gebruikt moderne middelen om muziek te maken die dichtbij blijft: ritmisch, melodieus en avontuurlijk in de details. Je kunt er meteen in meegaan en later blijven ontdekken hoe de onderdelen op elkaar reageren.